5 misvattingen over vaccinatie

Vaccins veroorzaken ernstige aandoeningen op lange termijn. Ze kunnen zelfs dodelijk zijn.

FOUT. Vaccins zijn erg veilig. De meeste reacties op vaccinatie zijn dan ook beperkt en tijdelijk van aard, zoals een pijnlijke arm of een milde koorts. Er is geen bewijs dat ze op lange termijn bepaalde ziektes veroorzaken.

Vaccins zijn bedoeld om ziekte te voorkomen en niet om ziek te maken. Ze worden uitvoerig getest vooraleer ze op de markt komen. Sommige vaccins kunnen wel zeldzame bijwerkingen hebben, maar dat weegt niet op tegen de bescherming die ze bieden. De ziekte zelf is veel gevaarlijker dan het vaccin.

Het is niet wetenschappelijk aangetoond dat vaccins op lange termijn aandoeningen zoals auto-immuunziektes of autisme veroorzaken. Die aandoeningen komen even goed voor bij mensen die niet gevaccineerd zijn.

 

Vaccinatie kan wachten – ik laat me/mijn kind later wel vaccineren.

FOUT. Vaccinaties uitstellen kan je gezondheid onnodig in gevaar brengen. Het is beter om het basisvaccinatieschema te volgen.

Vaccinatie biedt bescherming tegen elke toekomstige blootstelling aan de ziekte. Omdat blootstelling vaak oncontroleerbaar en onvoorspelbaar is, laat je je het best tijdig inenten, vooraleer je ziek word en complicaties oploopt. Hoe langer je wacht met vaccinatie, hoe groter de kans dat een infectie intussen schade kan veroorzaken.

Zowel de Wereldgezondheidsorganisatie als de Hoge Gezondheidsraad in België geven adviezen over aanbevolen vaccinatiemomenten. Het is belangrijk de aanbevolen vaccinaties tijdig te geven, zeker ook aan de kleinste baby’s (op de leeftijd van 8 weken):  zij lopen het hoogste risico om sommige ziektes en complicaties te krijgen.

Als je je kind niet laat vaccineren, dan ontzeg je het eigenlijk een mogelijke bescherming. Je kind heeft recht op de best mogelijk bescherming. Vergelijk het met autorijden zonder dat je baby in een goede autostoel vastzit met een gordel. En je rijdt toch ook niet links in een land waar de afspraak is rechts te rijden?

 

Een betere hygiëne beschermt voldoende tegen ziekte – vaccins zijn niet nodig.

FOUT. De ziektes waartegen we vaccineren zullen vaker optreden als het vaccinatieprogramma zouden stopzetten. Een betere hygiëne - zoals handen regelmatig wassen en proper water gebruiken – kan er wel voor zorgen dat je minder snel besmet raakt, maar veel ziekten verspreiden zich ongeacht hoe proper je ook bent. Als niemand zich nog laat vaccineren, zullen ziektes die bijna verdwenen zijn – zoals polio en mazelen – snel terugkeren.

Vaccinatie is overbodig, want gevaarlijke infectieziektes komen in Vlaanderen nauwelijks nog voor.

FOUT. De meeste kinderziektes zijn nog niet uitgeroeid in Vlaanderen en andere delen van de wereld. Ze kunnen zich snel verspreiden door iemand die niet gevaccineerd is.

Omdat het aantal gevallen van kinderziektes sterk is afgenomen sinds er systematisch gevaccineerd wordt in Vlaanderen, hoor je nog maar zelden dat iemand ernstig ziek wordt. Dat leidt tot de valse conclusie dat veel ziektes niet meer voorkomen en dat vaccinatie ertegen overbodig is geworden. Wanneer vaccinatieprogramma's succesvol zijn, en ziekten beginnen te verdwijnen, vergeten mensen vaak hoe ernstig die ziektes kunnen zijn - en dus ook hoe belangrijk vaccinatie is.

Zelfs al zouden de ziektes volledig uitgeroeid zijn in Vlaanderen, blijft het belangrijk om ertegen te vaccineren. Wanneer er minder gevaccineerd wordt, vergroot de kans dat de ziekte opnieuw de kop opsteekt. Bovendien zijn er andere landen waar die ziektes wel nog frequent voorkomen. Je kan daar besmet geraken en thuis de ziekte overdragen op mensen die ook niet gevaccineerd zijn.

Afhankelijk van het type infectie kan de verspreiding van de ziekte tegengegaan worden als de vaccinatiegraad hoog is. Zo is een vaccinatiegraad van 95 % nodig om verdere verspreiding van mazelen tegen te gaan. Met een hoge vaccinatiegraad kunnen dus ook mensen mee beschermd worden die om een of andere reden niet gevaccineerd kunnen of mogen worden. Jezelf en je kinderen vaccineren is dus ook een sociaal gebeuren.

 

vrouw krijgt vaccinatie

Vaccins zijn niet 100% veilig en effectief.

Vaccins kunnen bijwerkingen hebben, maar zijn erg betrouwbaar. De ziektes zelf zijn nog minder veilig, en niet vaccineren is nog steeds minder effectief dan wel vaccineren.

Net zoals andere geneesmiddelen kunnen vaccins bijwerkingen hebben. Vaccins worden echter uitvoerig getest en veroorzaken over het algemeen slechts lichte bijwerkingen, zoals roodheid van de huid of plaatselijke pijn. De risico’s van vaccins zijn in verhouding dan ook veel kleiner dan de nadelige risico’s die ziektes met zich meebrengen. Vooraleer vaccins veralgemeend toegepast worden, worden de risico’s op bijwerkingen afgewogen tegenover de risico’s van de ernst van de ziekte, op complicaties ervan en eventueel het sterfterisico door de ziekte.

Wanneer er veiligere vaccins beschikbaar zijn, worden die ook opgenomen in het basisvaccinatieschema. Zo schakelden we in 2001 bijvoorbeeld over van het oraal poliovaccin (“het lepeltje”) naar een geïnactiveerd vaccin dat via een spuitje toegediend wordt. De bijwerkingen van het spuitje zijn minder dan deze van "het lepeltje" en het poliovaccin kan bovendien samen met andere vaccins in één spuitje toegediend worden.